Sligte, H.W, Schenke, W. (2017)

Een masteropleiding als bijdrage aan kennisbenutting en –verspreiding door leraren

 

Rapport 972

ISBN 94-6321-031-7

Amsterdam: Kohnstamm Instituut

 

 

Contactpersoon

voor onderzoek van onderwijs, opleiding, opvoeding en jeugdhulp wetenschappelijk, onafhankelijk en betrouwbaar verbonden aan de Universiteit van Amsterdam

Toepassing en verspreiding van kennis uit masteropleiding in voortgezet onderwijs varieert per master

 

Leraren die een postinitiële masteropleiding volgen of hebben gevolgd passen de recent opgedane kennis en inzichten vooral toe tijdens de les, terwijl verspreiding van kennis vooral in informele gesprekken met directe collega’s geschiedt. Uit onderzoek blijkt dat kennisbenutting en –verspreiding verschilt per type masteropleiding.

 

Zowel in beleid als in praktijk is er veel aandacht voor het stimuleren van professionele ontwikkeling van leraren. De vergroting van het aantal leraren met een masteropleiding is een duidelijk aandachtspunt in het beleid van de Rijksoverheid, en van de VO-raad en de PO-raad. Zo is in het sectorakkoord 2014-2017 tussen de VO-raad en de minister van OCW afgesproken dat in 2020 50% van alle leraren in het VO een masteropleiding heeft.

Als een van de deelonderzoeken van het NRO-project ‘Docenten creëren en benutten kennis voor onderzoek en praktijk’ is daarom besloten de volgende onderzoeksvraag te beantwoorden: ‘Levert het volgen van een masteropleiding door leraren in het voortgezet onderwijs een bijdrage aan kennisbenutting en  verspreiding, hoe wordt die kennis benut, en in welke vorm en naar wie wordt kennis verspreid?’

 

Leraren die een masteropleiding volgen

In een langlopend onderzoek in opdracht van het Ministerie van OCW, dat uitgevoerd wordt door SEO Economisch Onderzoek, Kohnstamm Instituut en Hogeschool van Amsterdam, wordt onderzocht wat de effecten van het volgen van een post-initiële masteropleiding zijn op in het onderwijs werkzame leraren en op hun omgeving. Voor de beantwoording van de onderzoeksvraag naar kennisbenutting en  –verspreiding is aangesloten bij de survey die in het kader van dit onderzoek plaatsvindt. Daartoe is een drietal stellingen voorgelegd aan de deelpopulatie leraren in het voortgezet onderwijs die een masteropleiding volgen of deze opleiding recent hebben afgesloten. In totaal hebben 291 docenten hun oordeel over de stellingen uitgesproken, waarvan 183 docenten die bezig waren of zijn met een eerstegraads vakmaster, 70 de master Special Educational Needs (SEN), en 38 docenten de master Leren en Innoveren (MLI).

 

Type masteropleiding is verschillend voor kennisbenutting en -verspreiding

Uit het onderzoek blijkt dat toepassing van in de masteropleiding verworven kennis verschilt per type master. Leraren die een SEN-master volg(d)en passen  deze kennis het vaakst toe tijdens leerlingbesprekingen; leraren die de master MLI volg(d)en, passen kennis  vooral in gesprekken met leidinggevenden toe.

De analyse van verschillen tussen de masteropleidingen laat zien verspreiding van  kennis en inzichten vanuit de vakmaster minder plaatsvindt (meer gericht op de eigen lessen)  en vanuit de  SEN-master het meest (meer specifieke kennis).

Verspreiding van in de master verworven kennis gebeurt regelmatig in formeel (werkoverleg) en informeel overleg met collega’s.